dinsdag 14 oktober 2014

De Pinguïn Cup

Eindelijk! We waren het al een paar jaar van plan maar andere sporten, familieverplichtingen en gebroken masten dwarsboomde deelname aan de Pinguïn Cup. Dit jaar staat niets ons in de weg en kunnen we eindelijk meedoen aan de najaarscup van WSV Almere-Haven.

De Pinguïn Cup bestaat uit vier zondagen van eind september tot eind oktober, met elke zondag twee races. Het is ook de tijd dat de Herfst zijn intrede doet en ons doorgaans trakteert op wispelturige condities. De ene week zit je in een T-shirtje na te zomeren, de andere week krijg je 26 knopen wind om de oren en komen eindelijk die dure zeillaarzen van pas.

Pinguin Cup: Race 1 & 2
Hennie heeft het te druk met werk, Steven is nog steeds geblesseerd en Lodewijk is aan zijn 57e hockey seizoen begonnen. Hierdoor krijg ik de crew niet helemaal rond en besluit ik met Rene (voordek) en Rob (kuip) de eerste wedstrijd te varen. Het voelt een beetje onderbemand, maar als ik de voorspellingen zie lijkt dat geen enkel probleem. Net als we er van overtuigd zijn dat we met z’n drieeen moeten varen, zie ik de oproep van Frans in de Bemanning Gezocht groep van R&ZV Naarden. Hij is bootloos en wil opstappen. We nemen de arme jongen onder onze hoede.

Ik bereid me voor op een zeer matige wind. Ik maak me geen illusies en zie het gladde Gooimeer al voor me, net als de langzaam voorbijdrijvende belletjes in het water en het feit dat je een kwartier na de start slechts 30 meter van het startschip ligt. Maar gelukkig niets van dat alles. De wolken sturen een zacht briesje, maar genoeg om echt te kunnen zeilen.

Zoals we van onze overburen WSV Almere-Haven gewend zijn, leggen ze de baan er netjes en professioneel in. Officiele startprocedure met klassenvlaggen, Blue peters en een extra RIB om de startlijn en upwind mark goed in de wind te leggen. Het is elke keer weer een feestje voor de wedstrijdzeiler. Aan boord laat Frans zich van zijn beste kant zien. Ik leg hem even snel uit dat Rob en René helemaal weten wat ze doen, maar geen zeilkennis hebben. Dus als hij tactische calls heeft, vooral roepen!

Het is altijd leuk om een andere zeiler aan boord te hebben, maar ik merk toch dat het niet lekker loopt. Van Frans mag ik alleen sturen. Ik wou dat het zo kon, maar zo werkt Team Fram (nog) niet. Een stukje tactiek, overzicht in het veld, de genuaschoot losgooien bij overstag, de spischoten in beide handen bij drie man en de spischoot aan lij in handen bij vier man, de calls geven… Het komt allemaal bij de taak van de stuurman. Oh en sturen natuurlijk. That’s how we roll at Team Fram. Niet goed, ik geef meteen toe dat het beter zou zijn als de stuurman alleen stuurt, maar op dat niveau zitten we nog niet.

Van Frans mag ik dus alleen maar sturen en moet ik me vooral niet bemoeien met de andere zaken. Het loopt hierdoor anders en anders is niet altijd beter. En als we voor de tweede start er niet helemaal bijzijn met ons hoofd (lees: we zitten lekker te lullen over alles behalve zeilen), starten we te laat. De resultaten zijn matig. Niet slecht, noch goed. Maar we hebben gevaren en dát telt. Ik verwachte niks van deze dag en werd getrakteerd op een heerlijk zeildag met leuke mensen. Wat wil je nog meer.

De eerste zondag kondigt ook de laatste wedstrijd van onze alleskunner Rob aan. Ook hij heeft zich weer enorm ontwikkeld dit seizoen en is zeer waardevol voor ons team. Hij heerst nu niet alleen meer in de kuip, maar neemt ook uitstekend waar op het voordek als René er niet is. Echter is zijn laatste wedstrijd ook een kleine reality check, want hierdoor voelen we allemaal dat ónze laatste wedstrijd ook nabij is.

Pinguin Cup: Race 3 & 4
De tweede zondag kan helemaal niemand op René na. En dit keer staat er iets meer breeze. Gekkenwerk om met twee man te gaan. Ik probeer Hennie nog, plaats een oproep op de Facebook van R&ZV Naarden, maar allemaal tevergeefs. Dan herinner ik me opeens die vrijgezellendag van eind augustus. Die avond waar ons nieuwste bemanningslid Steven zijn arm uit de kom viel. Op die avond was zijn buurman Kasper er ook bij en liet toen al een keer ontvallen dat hij het ook wel leuk zou vinden om ‘een keertje mee te varen’. Nu moet u weten dat Kasper een oud-zeeverkenner is. En die mogen wij graag. Want zoals u wellicht weet is Hennie ook een oud-zeeverkenner. Ik vraag of hij zin heeft om mee te gaan en daar hoeft hij niet lang over na te denken.

Maar met één ervaren voordekker en één nieuweling zou ik graag nog een tweede ervaren man in de pit willen hebben. Dan kan hij of zij Kasper een beetje wegwijs maken aan boord. Maar op al mijn oproepen krijg louter likes, maar die kunnen niet zeilen.

Enigszins noodgedwongen varen we zondag met drie man uit. Maar het voelt als tweeëneenhalf. Niets ten nadelen van Kasper, maar op die Lelievlet zat geen spinnaker en ik vermoed ook geen traveller. We besluiten een half uur eerder uit te varen voor een spoedcursus spinnakeren. En dan beginnen we aan de eerste race.

De wind is best straf, ik schat zo’n 14 knopen, maar mijn iPhone geeft 18 aan. We lopen daardoor continu tegen onze rompsnelheid en kunnen weer eens met z’n allen aan de hoge kant zitten. De eerste race probeer ik zoveel mogelijk te doen, maar dat wordt af en toe teveel. Als ik met twee spischoten in mijn handen en het roer tussen mijn benen ook nog de downhaul van de spiboom wil aantrekken, hoor ik een stemmetje in mijn hoofd: ‘Waar zijn we nu helemaal mee bezig, meneer Cornelissen?’ Iets met ‘teveel hooi’ en ‘een vork’ beken ik het stemmetje.

De start van de tweede race wordt briljant. We sturen Fram bijna tegen de wind in omhoog langs het startschip en hebben dus voorrang op alle indringers. Helaas vinden zij dat niet en worden er weliswaar twee schepen uit de startlijn gedrukt, maar moet ik nog steeds twee Pionnen en nog een onbekend schip ontwijken. Grrrrrr… Dit is weer zo’n protestsituatie. Maar ik heb geen zin om na afloop van de race naar WSV Almere-Haven te rijden dus vaar maar gewoon door. Kasper is inmiddels goed opgewarmd en pakt het spelletje snel op. Hij krijgt meer touwtjes in handen en ik minder. We varen goed en snel, en maken optimaal gebruik van de windshifts.

Voor René is dít zijn laatste wedstrijd. Ook hij is dit seizoen weer gegroeid. Want opeens komt daar de call: “Nu overstag, het is vrij over stuurboord!” ‘Eh hallo? Ben jij nu ook al tacticus?’ Ja dus, want als ik over mijn rechter schouder kijk zie ik dat hij gelijk heeft. We klappen direct en maken een mooie slag over stuurboord. We varen de race goed uit en weten Team Windrose nog in te halen, maar dat de afstand ook groot genoeg was om van ze te winnen op handicap lezen we pas twee dagen later. We doen er na correctie 55 minuten en twee seconden over. Net als de Zahir en delen daarom de achtste plek met deze Pion. Ik vind het een mooi resultaat, maar het mooiste was toch wel Kasper die zich ontpopte als snelle leerling en René die zich als senior voordekker nu ook junior tacticus mag noemen.

Pinguin Cup: Race 5 & 6
Het is inmiddels 12 oktober en eindelijk heb ik een volledige crew. Steven is back on track en kan zijn arm weer gebruiken, Hennie heeft een weekendje geen werk en kan mee en Kasper heeft de smaak te pakken. En als een geraffineerde drugsdealer wil ik dat hij zwaar verslaafd raakt. Hij past perfect binnen die andere zeiljunkies van Team Fram.

Helaas zijn de voorspellingen wederom waardeloos. Vier knopen is vier keer niks. Hiervoor doe ik niet mee. Het is de eerste keer dat we een najaarscup kunnen varen en ik had de hoop op Herfstachtig weer en niet zo’n Indian Summer. Bovendien is dit dan echt de laatste wedstrijd op Fram voor 2014. Nog één keertje vlammen zou leuk zijn.

Als we in de haven zijn staan de windvaantjes van de verschillende boten in één richting. ‘Dat is een goed teken!’, zeg ik monter. We maken de boot klaar en varen uit. Onderweg geven we de Off Duty, een FF65, nog even een sleep naar het startgebied. Leuk bootje, waarom doet ‘ie niet mee met de WAC?

Ochtendnevel hangt als een mooie sluier over het Gooimeer. We kunnen de overkant niet zien en het lijkt net alsof we een kalme zee opvaren met water zover het oog reikt. Op weg naar Almere Haven is het bij vlagen zeer dichte mist met maar 50 meter zicht. Ik moet denken aan dat boek van Stephen King, The Fog. Dan prikken de eerste zeilen en bonte spinnakers door de minuscule waterdruppeltjes, uitgelicht door een bleek najaarszonnetje. Het is schitterend. Wind of geen wind, we vinden het nu al een geweldig laatste zeildag.

Gelukkig klopt de voorspelling ook deze keer niet en staat er toch 5-7 knopen wind. We oefenen de start, maar starten wederom te dicht onder de kluit en hebben veel vuile wind. Als we een gaatje zien tacken we weg en begint Fram te lopen. Al vrij snel klappen we terug naar het midden van de baan. Vrijwel iedereen lijkt direct naar de layline te willen, maar de wind zou vandaag veel gaan draaien, dus blijven we in het midden en maken optimaal gebruik van de shifts. En dat pakt goed uit! We varen ons vrij en liggen ver voorin. En passant maken we ook nog even een paar super strakke overstags. De stijgende lijn van dit seizoen wordt ook in de laatste wedstrijd voortgezet. 

Van de boten uit Naarden gaan we uiteindelijk als tweede over de streep, enkele bootlengtes voor de Knoet en een stuk voor de Kyan. Alleen de Spoom met de ‘Schriers’ aan boord moeten we voor ons dulden. ‘Wow, dit is een goede race mannen!’ Dat is ook wat Xander van de Aquaholic zegt: “Goed gevaren Floris!” Leuk compliment maar toch reageert Hennie enigszins verontwaardigd: “Hoezo alleen Floris? Wij waren ook aan boord!” En gelijk heeft Hennie. Dit is het resultaat van Team Fram.


In de tweede race is de wind constanter, maar maken we dezelfde fout bij de start. We kunnen moeilijker vrijvaren, maar het lukt. De wind draait minder en de bovenboei ligt er goed in. Het maakt de race ook een beetje saai.

De crew draait als een warmgelopen scheepsdiesel; soepel en geolied. Steven staat voor het eerst op het voordek en heeft het snel door. Kasper doet het grootzeil en komt 'zomaar' met een nóg betere manier om de spi te prefeeden. Hennie ‘voor-mij-geen-lierhandels’ Hoenselaar zit helemaal in zijn rol als grinder en tacticus. Kortom, we zijn lekker bezig.

We moeten uiteindelijk genoegen nemen met de bovenste plek van het rechter rijtje. Let wel, op slechts zeven seconden van de boot boven ons. En dat is iets wat mij opviel bij de Pinguïn Cup. De gecorrigeerde tijden liggen dicht bij elkaar. Wat ook opvallend was, is het aantal 28 voeters dat meedoet. Naast een stuk of vijf Pionnen, doen er ook Duetta 860’s, First 285’s en Compromis 888’s mee. Samen met onze Friendship 28 is dat een leuke vloot van gelijkwaardige boten. Jammer dat geen één van deze boten zich liet zien op de Pampus Regatta. Een mooi puntje voor de aankomende vergadering met onze overburen en natuurlijk zijn ze er met de Eemdelta Race 2015.

Als we in de warme Herfstzon terugvaren naar Naarden komt langzaam het besef. Dit was het dan. Dit was seizoen 2014. Volgende week zijn er andere verplichtingen en dus gaat de laatste zondag van de Pinguïn Cup aan ons voorbij. Daarna gaat Fram onder zeil. Dekzeil welteverstaan. En op de bok. We genieten nog even van de laatste vaart onder spi en zijn het erover eens dat we het seizoen met een climax zijn geëindigd: een prachtige zeildag, mooie resultaten en vier grijnzende zeilers.

Seizoen 2014
Vijfentwintig starts, twee nieuwe crewleden, een derde positie als hoogste notering, nul schade, de grootste stijger in het klassement van R&ZV Naarden. Het zijn zomaar wat cijfers en feiten die ons seizoen kenmerken. En ondanks dat we minder wedstrijden dan voorgaande jaren hebben we gevaren, hebben we nog nooit zoveel progressie gemaakt. En dat hebben we bereikt met een handje vol mensen die ik toch even bij naam wil noemen: René, Rob, Steven, Kasper, Ben, Lodewijk en Hennie. Kortom Team Fram! Thanks guys. Tot volgend jaar.

Results:
Zondag 1: 8e & 10e v/d 13 (Frans, René, Rob, Floris)
Zondag 2: 12e & 8e v/d 18 (René, Kasper, Floris)
Zondag 3: 9e & 11e v/d 21 (Steven, Kasper, Hennie, Floris)

Zondag 4: DNC

dinsdag 30 september 2014

Pampus Regatta

‘Bestaat Team Fram nog?’, vroeg iemand mij onlangs. ‘Ja’, antwoordde ik ietwat verontwaardigd. ‘Ik lees nooit meer iets op je blog!’ Ja, dat kan kloppen. Want door mijn inspanningen voor de wedstrijdcommissie en met name de Pampus Regatta heb ik geen tijd meer gehad om te schrijven over onze inspanningen op het water. Tel daar een belangrijke pitch voor mijn werk bij op en je komt uren, zo niet nachten tekort en moet zelfs wedstrijden laten varen (Hennie Hoenselaar Cup). Inmiddels is de storm even gaan liggen en dus is er tijd voor een krabbel.


De Pampus Regatta is het hoogtepunt van het seizoen. De opvolger van ‘onze’ Hooikist Race is nu door R&ZV Naarden, WSV Flevomare en Zeilvereniging Het Y naar een tweedaagse regatta gepromoveerd. ‘Een professionele wedstrijd met een laagdrempelig karakter’. Zo omschreef ik het in een van de persberichten. En dat is gelukt. 85 boten schreven zich in en de klasse voor ongemeten boten (SW-klasse) was het grootst!


Omdat we dit jaar al veel wedstrijden moesten laten schieten, waaronder de Eemdelta Race, Lenco Regatta en de 24-uurs, was ik redelijk cold turkey en wilde, nee moest ik weer even een serieuze wedstrijd varen. Ik ben doorgaans al fanatiek, maar nu was ik een extremist (goedemiddag AIVD, ja dit is een zeilblog, leuk dat u meeleest). Na een goed seizoen in Naarden, wilde ik dat nog ‘even’ prolongeren op de Pampus Regatta. De boot was in orde, de crew getraind en volledig, dus niets stond ons in de weg.

Zaterdag
Zaterdag varen we de oude Hooikist Race, dus up- en downwindbanen. Het leukste wat er is als je het mij vraagt. De startprocedure ging uiterst professioneel, ook al klonk het startschot niet op het moment suprême. Maar zoals elke zeiler weet, zijn de vlaggen leidend, bovendien kon je via VHF 13 het aftellen horen en wist je dus dat er op GPS tijd werd gestart. En dus gingen wij zaterdag om tien uur over de startlijn. Ok, ik overdrijf een beetje. Het was 10.00u en 3 seconden.

Na deze goede start, gaat het eigenlijk al snel fout. We maken een slag over stuurboord en dachten niet op ramkoers te liggen met de rest van de vloot. Helaas hebben we het verkeerd ingeschat en moeten we weer terugklappen. Het kost een paar scheepslengtes. Als we bij de bovenboei aankomen, moeten we iets afvallen richting de spreader, een tweede bovenboei die het veld uit elkaar trekt (spread). Daarna kan de spi erop en is het volle vaart naar beneden.

We gaan lekker en liggen vierde in het veld en op handicap tweede. Maar als we de spi prefeeden en hijsen zie ik dat er een enorme fout wordt begaan. De spinakerboom staat aan de verkeerde kant. En we moeten eerst ombouwen voordat we kunnen hijsen. Terwijl de GoPro draait overstemt mijn gevloek de 14 knopen wind. Allesbehalve fraai en een paar rakken later zou ik mijn excuses aanbieden. Op de filmbeelden zie ik later dat het ombouwen tweeëneenhalve minuut duurt. Ik ga niet uitrekenen hoeveel scheepslengtes het is, maar het kost ons de eerste wedstrijd. Gelukkig mag je een wedsttrijd wegstrepen. Altijd jammer als dat de eerste is.

De wind is bij vlagen hard en vraagt iets meer kracht en vertrouwen van onze voordekker als we op de spinaker gijpen. De spiboom moet helemaal voorbij de babystag en moet daardoor flink naar buiten worden gedrukt voordat deze weer op het boomoog kan worden gezet. En met deze wind is dat bijzonder lastig. De genuaschoot moet normaliter over de boom, maar het is al lastig genoeg voor onze voordekker, dus laten we die even voor wat het is. Nadat René de spinaker heeft gegijpt varen we zo hard mogelijk naar de gate. Nou ja hard… Waar onze spi ooit het geheime wapen was, lopen we nu niet meer op iedereen in. Nee we worden zelfs ingehaald!

De spi gaat er zo laat mogelijk af en daar pakken we dan toch weer een paar boten mee. We ronden de bakboord boei van de gate en gaan aandewind over stuurboord verder. Dit gaat goed. Maar bij de eerste overstag gaat het weer mis. De genua blijft achter de boom haken. ‘Shit! Vergeten!’, schiet er door mijn hoofd. Die schoot hadden we niet over de boom gelegd met de gijp. Terwijl het zeil bak staat, moeten we weer terugklappen. We liggen helemaal stil en de race is nu echt verloren.

Race 2
Als de start van de eerste race goed was, dan was de start van de tweede race briljant. Terwijl iedereen zich ophoopt bij het startschip, varen wij iets lager met volle vaart door het midden van de startlijn. We gaan op seconde nul door de start en even twijfel ik of we niet te vroeg zijn gestart, maar dan klinkt het ‘all clear’ door de marifoon en dat betekent dat niemand te vroeg is gestart.

Protest
De briljante start maakt het mogelijk om onze eerste slag over stuurboord vrij voor het hele veld te maken. Bij de bovenboei draaien we net achter de nummer 1 op de layline. De race gaat goed, maar als we de bovenboei willen gaan ronden komt daar ineens de Windmaker over stuurboord aan. Hoewel iedereen inclusief wij, bakboord roept, wijkt hij niet uit. Nee, meneer draait zijn boot gewoon de layline op alsof er niemand is. Wij sturen Fram omhoog tegen de wind in en vermijden een aanvaring. ‘Protest!’, roep ik en laat direct de rode vlag zien. Wat een enorme £!@#$%^&*!

We zijn door deze stomme actie van ons à propos en de automatische piloot neemt het even over. We ronden de boei en zetten de spi. Ja, en daar komt ie hoor. GF3. Grote fout drie! Gelukkig helpt Jan Hesselink ons en roept. “Je vergeet de spreader!” Ai, dat is waar ook. Dit is ronde 1 en we moeten die spreader nog ronden. Ik vervloek die stomme Windmaker nogmaals en vervloek mezelf dat ik niet bij de les blijf. Hup, spi naar binnen, om de spreader heen en spi er weer op. Goed, deze actie kost ons de race.

Dan komt het moment van bezinning. Ik merk dat ik teveel van alles en iedereen verwacht, inclusief mijzelf. Ik kijk om me heen. De vloot, het weer, de ribs en het starschip. Potverdikkie Floris, dit heb jij mede mogelijk gemaakt. Geen gekke prestatie. Ik kom de Windmaker nog een keer tegen en besluit het protest niet door te zetten. Ik zit immers in de organisatie en wil juist zoveel mogelijk zeilers bij dit evenement betrekken. Dan moet je ze er vooral uit gaan protesteren! Het weer is fantastisch en de organisatie subliem, dus probeer ik vooral van het moment te genieten en laat de wedstrijd los.

Race 3
De derde race is niet noemenswaardig. Geen ‘highs’ noch ‘lows’. Na de finish varen we in een stralend zonnetje naar het bier in Durgerdam. Daar moet ik nog wat organisatorische zaken regelen en kan ik na een uur ook aan het bier.

Junior vs senior
Als ik op de steiger van het clubhuis de uitslagen van zaterdag zie, baal ik toch. Want ondanks dat ik hierboven heb beschreven wat we fout deden en hoeveel tijd onze fouten kosten, was ik me daar op dat moment niet zo van bewust. Ik dacht dat we wel redelijk hadden gevaren en in het midden zouden eindigen, maar we zijn 12e van de 18. En als ik zie dat mijn vader ook nog eens twee plekken boven mij staat in de tussenstand, duurt het al gauw vijf bier voordat ik weer vrolijk ben. Het is niet dat ik het hem niet gun, maar ik ken zijn boot en hij kent die van mij. Sterker nog, hij heeft ons vaak over de finish gestuurd als schipper en ik de zijne meerdere malen in de 24-uurs. Dus ik had verwacht dat wij met onze harde kern wel zouden winnen van hem met slechts één opstapper waarmee hij nog nooit gevaren had. Niet dus. Grappig genoeg eindigen we de eerste race slecht 18 seconden na elkaar. Helaas zal ik dit een jaar lang moeten aanhoren. ‘Pap, volgend jaar revanche!’


Zie hier een sfeerimpressie van zaterdag, onze fouten zijn er uitgeknipt ;-)

Zondag
Het is zondagochtend vroeg. Ik word wakker van geklop. Ik til mijn hoofd iets op en kijk op mijn iPhone en zie dat het bijna half zeven is. Het geklop wordt heftiger maar als ik mijn hoofd in mijn kussen begraaf, lijkt het minder te worden.  Het was té gezellig gisteravond. Even overweeg ik te gaan zwemmen in het IJmeer. Je bent dan meteen wakker en katers kunnen niet zo goed tegen water. Maar ik kies voor de douche. Het helpt enigszins en ik ben ‘fit to sail’. Vandaag staat namelijk de voormalig Trintelrace op het programma. Een lange afstandsbaan van 20-30 mijl (voor de landrotten x1,85 = kilometers).


We liggen zes dik in de haven en moeten wachten tot iedereen is uitgevaren voordat wij de trossen los kunnen gooien. Hierdoor zijn we bijna te laat bij de start, maar net op tijd. Helaas is onze start niet perfect en vangen we veel vuile wind van… mijn vader! Hoewel onze hersenen op halve kracht functioneren komen er toch nog een paar goede tactische beslissingen uit waardoor we vrij snel voorin liggen. We willen de ton als eerste ronden en dat lijkt te gaan lukken. Totdat een andere idioot over stuurboord aankomt en niet wijkt. Inderdaad, l’histoire se répète.

We roepen op tijd ‘bakboord’, maar het is alsof we Chinees praten. Hij vaart stug door. Net als we besluiten onder hem langs te sturen (te dippen) gaat hij overstag. Hij ligt nu heel ongunstig boven ons en wij kunnen niet meer overstag zolang hij daar vaart. Hier eindigt het drama niet. De amateur wil graag de ton overzeilen, en doet dat met een scheepslengte of vijf en wij moeten mee. Alle vijf de scheepslengtes.

Dit keer maak ik geen protest. Hoewel ik zeker weet dat ik het zou winnen, heb ik liever goede mond-op-mond reclame voor onze Pampus Regatta dan dat ik zelf één plaatsje omhoog ga. Bovendien was ik degene die zo graag de minder doorgewinterde wedstrijdzeiler aan de start zag. Ik heb het geweten!

VHF 13
Onderweg horen we over kanaal 13 een oproep: “Gamechanger voor startschip, Gamechanger voor startschip over”. We luisteren uit, maar het startschip reageert niet. Na zijn derde oproep antwoord ik en vraag ik of ik iets kan doorgeven aan het startschip. Wellicht bereikt mijn marifoon wel het startschip, anders heb ik nog altijd de 06-nummers van de wedstrijdleiding. Je zit in de organisatie of niet.

Op hun vraag welke baan er gevaren wordt, antwoord ik twee keer: “Baan vijf, Noord Oost Kort.” ‘Oké, dank je wel!’, klinkt het blikkerig. ‘Succes, maar niet heel veel succes’ grap ik, maar twijfel of ze mijn humor snappen. 

Als we van de bovenboei naar beneden varen op de spi lopen we redelijk gelijk op met de Geusje uit de SW-1. We kruizen ook af en het lijkt te werken. Het lukt me alleen niet om de afstand tussen de Windrose te vergroten en zij blijven te dichtbij om van ze te kunnen winnen. Als we weer in de buurt van Durgerdam komen zie ik een rib naast één van de te ronden boeien. Ik zie de ‘C’-vlag en daaronder onze klassenvlag, wat zoveel betekent dat voor onze klasse de baan wordt ingekort. Een goed besluit en we varen direct naar de finish en door naar Naarden.

Omdat ik maandagochtend een belangrijke presentatie geef aan de hele internationale board van een nieuwe prospect, besluit ik niet meer naar Durgerdam te gaan, maar mijn Powerpoint voor ‘the day after’ voor te bereiden. Een goed besluit want we winnen er een nieuw account mee, zou later blijken.

Proost op de Pampus Regatta!
Retrospectief
Terugkijkend op de Pampus Regatta ben ik erg tevreden over het evenement. Het was een grote zeilwedstrijd met alles erop en eraan en ik heb alleen maar blije zeilers gezien. Maar ook als deelnemer heb ik ervan genoten. De wedstrijden waren erg leerzaam en we hebben onszelf overtroffen; het gijpen onder spi met hardere wind en meer golfslag vergde meer van de crew en veel van de voordekker, maar het ging goed. En de starts waren goed en soms briljant. Helaas werden deze lichtpuntjes teniet gedaan door de fouten die we maakten. Dat is jammer, maar daar kun je van leren. We weten immers precies wat we fout hebben gedaan (dankzij de GoPro) en wat we volgende keer anders moeten doen. En daar begint het mee als je wilt verbeteren.

Crew zaterdag: Rene, Rob, Hennie en Floris

Crew zondag: Robbert, Rob, Hennie Floris

maandag 8 september 2014

The grand finale


De wedstrijd van woensdag 20 augustus was niet zo goed, we varen matig en zien hoe al onze directe concurrenten voor ons eindigen. De wedstrijd van 27 augustus deden we niet mee. Mede-eigenaar Ben nam Fram voor een weekje mee naar Friesland. Een trip die hem zeer gegund was. En wie dan een beetje kan rekenen en weet dat 3 september de laatste wedstrijd is in onze Woensdagavond Competitie komt al gauw tot de conclusie dat we nog maar één kans hebben om hogerop te klimmen in het klassement. Ter info; op woensdagochtend 3 september staan we 14e van de 32 boten in onze klasse.


The day before the match
Omdat we vorige week niet hebben gezeild, heb ik mijn crew weer eens lastig gevallen met een YouTube-filmpje ter lering en vermaak. Ik moet daarbij vertellen dat ik een onstilbare honger heb naar zeilkennis. Als ik op vakantie ga en niet kan zeilen koop ik zeilboeken, lees ik de wedstrijdreglementen nog eens door, verslind ik de Yachting Monthly, Zeilen en Zilt Magazine. Ik probeer de mannen ook ‘hooked’ te krijgen.

Door deze verslaving weet ik aardig wat er off- en online te vinden is. Bijvoorbeeld deze site is erg nuttig voor beginnende wedstrijdzeilers. En dit filmpje heeft elke wedstrijdzeiler weleens bekeken. Toch? Nu vond ik een tijdje terug een obscuur filmpje uit de begin jaren tachtig. Precies, uit het geboortejaar van Fram. En terwijl ik naar een ingescande VHS band in 4:3 beeldverhouding kijk op YouTube ontdek ik weer een paar waarheden, die onlangs in mijn vakantieboekje werden bevestigd. Ik stuur het negentig minuten durend filmpje door naar de crew en zeg dat ze alleen van minuut 17-28 moeten kijken. Dat gaat over het starten. Iets wat we vorige week nog hadden besproken. Iets wat wij nog niet goed beheersen.

Crew
Dit jaar is onze crew uitgebreid met Steven. Een super enthousiaste zeiler die al vrij snel het virus te pakken had. Steven zou samen met Hennie, René en mij de laatste wedstrijd varen. Maar als Steven en ik in het weekend van de 24-uurs zeilrace een vrijgezellendag hebben, wordt het script van de film ‘The Hang Over’ bijna realiteit. Dertien mannen met bier zonder vrouwen is een garantie voor een hoop lol maar ook een hoop lompheid. Dus wordt er een beetje geduwd en getrokken en voor we het wisten lag Steven zaterdagnacht opeens op de Bredaase kinderkopjes. Pijnlijk, maar de alcohol werkte als een lieve nachtzuster. En dus dronken we ons een weg door de nacht.

De volgende dag kon hij zijn arm niet meer bewegen en maandagochtend ging hij toch maar even naar het ziekenhuis om foto’s te laten maken. ‘Arm uit de kom’, zei de arts kijkend naar de röntgen foto’s. Drie weken een mitella en rustig aan doen, was het advies. Einde zeilseizoen voor Steven.

Meteen werd Rob opgetrommeld via de Whatsapp. “Super! Steven sterkte met je herstel!,’ was zijn reactie. Als ik een voetbaltrainer zou zijn zou ik het zo verwoorden: “We hebben een mooie brede selectie met veel individuele kwaliteiten.” Dus onze race des oordeels kwam niet in gevaar.

Race day
Woensdagochtend stuur ik de laatste info door naar het team; de mogelijke baan, starten op de spi, hebben jullie die mail nog gelezen? - dat soort dingen. Verder schrijf ik dat winst vanavond afhangt van een goede start en soepele handeling. Een open deur, maar toch.

Terwijl ik tijdens mijn lunch nog even een powerpoint voor de prijsuitreiking van vanavond in elkaar zet, krijg ik van Frans de laatste tussenstand. Hoewel alle ogen gericht zijn op de podiumplaatsen is het veel interessanter wat de middenmoot doet. Want daar is nog veel mogelijk. Neem nou de nummers 11 tot en met 15. Daar zit maar 6,9 punt verschil tussen en is nog alles mogelijk.
11
Aquaholic
104
Xander Bianchi
Westerley GK24*1.40
169.5
12
Stantepede
104.0
Laurens Hollertt
Dehler 28S
172.7
13
Atlantis
105.4
Derk-Jan v.d. Berg
Kelt 850
173.4
14
Fram
101.6
Floris Cornelissen
Friendship 28*1.60
173.7
15
Bellini
97.5
Eric Zuidmeer
Saffier 26
176.4

En laten wij daar nou net tussen zitten op een 14e plaats. Ik stuur het door naar de mannen en langzaam sluipt een gezonde wedstrijdspanning in mijn lichaam.

De wedstrijd
De wind is perfect. Een knoopje of tien. We starten met ruime wind, zeil over bak. En kiezen voor de vrije wind. Maar het wordt dringen aan de hoge kant van de startlijn en om er niet uitgedrukt te worden, starten we in de tweede linie. Een goede keuze, want vóór ons worden drie boten over de lijn gezet en één over de startboei. Wij gaan er achterlangs en loeven dan iets op zodat we aan de hoge kant van het veld zitten. Dan hijsen we de spi en lopen we over het halve veld heen.

Na de ton volgt een lang kruisrak. En zoals elke zeiler weet, wordt de race daar beslecht. Dus waren we extra gefocust en hield Hennie het veld in de gaten zodat we over stuurboord vrij door konden varen. René en Rob hielden de andere boten in de gaten en met z’n allen keken we waar de wind was. Hierdoor hadden we helaas niet door dat we het wierveld invoeren.

We proberen er zo snel mogelijk uit te varen, maar het is een gifbeker. En hij moet leeg. Tot de laatste druppel. We varen door en blijven op gepaste afstand van de top 3. Wij lopen niet in, maar zij lopen ook niet uit. Dan komt de windward mark ofwel de bovenboei. We komen aan over bak en de spiboom steekt agressief naar voren. “Ja”, roep ik en René hijst de spi naar de top. In de ronding staat ie. Erg snel en erg netjes, al zeg ik het zelf. Ach, kijk zelf:



Onder spi lopen we in op de Fortissimo en de Ferox. Bij de leeward mark probeert de Fortissimo achter ons langs te steken, maar we sturen strak en hij zit in mijn bad air. Hij kiest eieren voor zijn geld en draait weg.

We zeilen strak vanavond en de handling loopt erg soepel. Als ik dan toch een puntje van kritiek moet noemen, dan is het de stuurman die tot tweemaal toe een vraagteken draait bij de tack en die tot driemaal toe even zijn koers niet houdt. Die stuurman ben ik. De rest van de crew valt niets te verwijten. Nee, alleen maar lof, want het loopt als een Zwitsers uurwerk: stil, soepel en op tijd.

Gekke handicaps
‘Linkerrijtje’ was ons doel voor dit jaar. En met 32 boten lijkt dat enerzijds makkelijker, maar anderzijds hadden we meer sterke tegenstanders en natuurlijk het gebruikelijke vlootje ‘gekke handicaps’. Dat zijn boten die je de hele wedstrijd niet ziet en tóch voor je eindigen. Of boten die een half uur voor je eindigen en een paaltje varen terwijl jij tien minuten voor hen zou moeten eindigen. Het zwarte gat in het SW-systeem, zeg maar.

Zoals gezegd, voor de wedstrijd stonden we op een 14e plaats. En als Frans het eindklassement van beneden naar boven voorleest, horen wij onze naam op de 11e plek. OP DE ELFDE PLEK! Dat was het maximaal haalbare voor vanavond en daarmee hebben we onze doelstelling gerealiseerd. Ik ben blij. Ik ben trots. En mijn verslaving heeft zojuist een shot gekregen dat dicht tegen een over dosis aanzit.

Trots
Als ik nog eens de uitslagen van dit jaar bekijk en vergelijk met die van vorig jaar krijgt onze prestatie extra glans. Van alle 51 deelnemers heeft Team Fram de meeste progressie geboekt! Niemand anders is ten opzichte van vorig seizoen zo hard gestegen als wij. En dan te bedenken dat we nog nooit zo weinig Woensdagavonden hebben gevaren als dit seizoen. Had ik al gezegd dat ik trots ben op Team Fram?


Crew: Rob, René, Hennie en Floris
Baan: 5 Oost Kort
Finish: 7e vd 22
Eindstand: 11e van de 32